leafhead 12

Behandeling cataract

De behandeling

Er bestaat geen medicatie om cataract te behandelen of af te remmen. Cataract is echter goed operatief te behandelen. Indien het oog geen andere afwijkingen vertoont, kan een cataractoperatie het gezichtsvermogen vrijwel volledig herstellen. Bij deze operatie haalt de oogchirurg, via een kleine insnede en met behulp van een operatiemicroscoop, de troebele lens uit het oog en vervangt deze door een kunstlens.

De oogchirurg opereert altijd maar één oog per ingreep. Zo kunt u kort na de operatie alles weer doen, omdat u nog voldoende zicht heeft door uw niet-geopereerde oog. Ook op zeer hoge leeftijd is de operatie goed te ondergaan.

Gevolgen bij niet-behandeling

Een cataractoperatie is zelden dringend. Door de operatie uit te stellen, krijgt u een (meestal trage) vermindering van de gezichtsscherpte. Een niet-behandeling heeft geen invloed op een eventuele latere ingreep.
Wacht u te lang, tot u enkel nog licht en donker kan onderscheiden, dan kan dit wel een hoger risico geven op complicaties tijdens de ingreep.

Tegenaanwijzingen

Echte tegenaanwijzigingen voor een cataract- operatie zijn er niet. Indien u een verkoudheid heeft of een opstoot van bronchitis, samen met (ongecontroleerd) hoesten, is het aangewezen de ingreep even uit te stellen.

Opname of daghospitalisatie

Voor een cataractoperatie hoeft u niet te worden gehospitaliseerd. Het is een ingreep van korte duur en bijgevolg kan u het ziekenhuis snel en comfortabel verlaten. We raden wel aan om goed begeleid naar huis terug te keren. Zorg ervoor dat u de rest van de dag op iemand beroep kan doen om een oogje in het zeil te houden. Enkel na een algemene narcose is het noodzakelijk dat er ook ’s nachts iemand bij u blijft.

Indien u zeer hulpbehoevend bent of indien u lijdt aan andere kwalen die het verloop van de ingreep of het genezingsproces kunnen beïnvloeden, kan de arts beslissen u een nacht in het ziekenhuis op te nemen.

Algemene anesthesie of lokale verdoving

De meeste cataractoperaties gebeuren onder lokale verdoving, ofwel via een inspuiting achter de oogbol (retrobulbair), ofwel via verdovende oogdruppels (topicaal). Soms is een algemene anesthesie aangewezen: bij jongere patiënten, bij patiënten waarbij de communicatie moeizaam verloopt, bij extreem nerveuze patiënten, bij mensen met claustrofobie of bij patiënten die absoluut niet kunnen platliggen gedurende een half uur.

Hoe verloopt de operatie?

Een operatie kent weinig risico’s of complicaties. Toch kan geen enkele arts het succes of de afwezigheid van risico’s bij het onderzoek garanderen. We nemen zoveel mogelijk voorzorgen om de ongemakken en de risico’s te beperken. Zo worden de toestellen en toebehoren grondig gedesinfecteerd of gesteriliseerd vóór gebruik.

Een uurtje voor de ingreep start de voorbereiding met het indruppelen of het inbrengen van een pupilverwijdend staafje in het onderste oogzakje. De verpleegkundige geeft u een operatieschort en de nodige instructies in afwachting van uw vertrek naar de operatiekamer.

Alle patiënten krijgen een infuus, zelfs in geval van lokale verdoving. Op de operatietafel brengen we een bloeddrukmeter aan en krijgt u elektroden op de borst gekleefd om uw hartritme op te volgen tijdens de ingreep.
U wordt afgedekt met een steriel doek, enkel voorzien van een opening voor het te opereren oog.
Ingeval van een lokale verdoving, bevestigen we een zuurstofslangetje onder het doek zodat ademnood tijdens de operatie uitgesloten is.

Bij een operatie onder lokale verdoving blijft u rustig liggen zonder uw hoofd te bewegen. In geval van druppelanesthesie moet u naar het licht van de operatiemicroscoop blijven kijken. U voelt dat we het oog aanraken, doch mag u geen pijn voelen.
Mocht u toch iets ongewoons voelen, dan kan u dat steeds aan de chirurg melden. Normaal duurt de operatie niet langer dan een half uurtje. Na de ingreep brengt de oogchirurg een verband en een schelp aan.

Ingeval van een lokale anesthesie, brengen we u na een kwartier in de uitslaapruimte naar uw kamer.
Ingeval van een algemene verdoving ontwaakt u in de uitslaapruimte waar u nog enige tijd onder bestendige controle blijft.

De verpleegkundige geeft u meer informatie wanneer u mag eten en drinken.

cataractbeh.jpg